26 september 2019

COLLECTIEF GEHEUGEN (1)

Schoolpalmares.

Een vriend van altijd schuift me een oud schoolpalmares onder de neus. Heel confronterend. Het lijkt wel een Dodenboekje. Dead Poets Society. De lange namenlijst met verdwenen generatiegenoten gooit me terug in een verdwenen tijd.

Ik zie ze wegglijden over de zelfbedachte piste van februarigladheid op de koer der groten. Toekomstige gelukzoekers. Tabaksplanters, paters Trappisten van West- Vleteren. Zakenbrouwers in Hong Kong, moordenaars en zelfmoordenaars, gekozenen des volks, burgemeesters, Kamerleden, senatoren, uitverkorenen des Heren, topvoetballers, doctors in de rechten, wetenschappen, geneeskunde , nobiljons aan lager wal, Fierteldragers, bellenmannen, duivelsuitdrijvers, tovenaars, bekende Vlamingen, onbekende gelukkigen, kunstenaars, dichters, acteurs.
Zestig jaar later wacht ik aan de schoolpoort op mijn kleinzoon. Wat ik zie is een totaal andere meertalige veelkleurige wereld. Oortjes in. Geklit aan smartphones. De oude wereld is voorgoed weg. Hij bestaat alleen nog in een genadeloos wegdeemsterend collectief geheugen. Gaandeweg met steeds grotere gaten erin. Vagelijk opduikend in elk zijn perceptie.

Je vous parle d’un temps
que les moins de vingt ans
ne peuvent pas connaître…


Oude gebouwen gaan tegen de vlakte, krijgen bij wijze van afscheid machtig mooie graffiti mee. Een adieu in schoonheid. Wat op me wacht is een gloednieuw fietspad langs Ververij en oude fabriekspanden die een nieuw bestaan beloofd wordt als loft en trendy B-Factory. Onderweg zie ik middenin een veld knappe glaskunst vol Hoop van een klasgenoot uit het palmares.
Blijven ademen. Op naar Louise-Marie. Klein verzet.