26 november 2018

MIJN TUIN VAN HEDEN

HAWKING IN THE SKY



Met ondergekoelde Britse humor refereert Stephen Hawking in zijn laatste notities aan de Nobelprijs die hem nooit te beurt zal vallen.
Hawking : ‘Als we er ooit in slagen twee bundels deeltjes tegen elkaar te doen kletsen zouden er bij sommige botsingen wel eens micro-zwarte gaten kunnen ontstaan. Dan krijg ik die Nobelprijs misschien toch nog’. En daaronder, in een voetnoot mét sterretje: ‘Nobelprijzen worden niet postuum uitgereikt. Deze ambitie zal dus jammer genoeg nooit vervuld worden.’

Ondanks zijn spierziekte bleef Hawking tot op het laatst zijn verbeten zoektocht naar zwarte gaten volhouden en aan een breed publiek uitleggen. Het maakte hem razend populair. Toch kreeg hij dus nooit de Nobelprijs. De reden hiervoor is simpel: het kan nog miljarden jaren duren eer zijn bevindingen over zwarte gaten wetenschappelijk zullen kunnen weerlegd dan wel bewezen worden. En laat dat nu net een van de vereisten zijn om in aanmerking te komen voor de Nobelprijs. Toch erkende de Zweedse Koninklijke Academie voor Wetenschappen het belang van Hawking. En nog wel op een bijzondere manier.

‘Hij heeft belangrijke bijdragen geleverd aan de wetenschap. Zijn levenspad toont aan dat er veel meer is in de wereld dan de Nobelprijs.’

Overigens kunnen we de eerste miljard jaren voorlopig maar beter niet in zo’n zwart gat achter de gevraagde bewijzen aan gaan hollen. Op de vraag wat er volgens hem gebeurt als we als ruimtereizigers van de toekomst in zo’n gat belanden, antwoordt Hawking (net voor zijn eigen eerste en laatste eeuwigdurende ruimtereis) ‘dat we in dat geval al tot spaghetti zullen zijn uitgerekt, nog voor we de horizon ervan hebben bereikt’.

Ook al zweeft Hawking nu met zijn zeer geavanceerd vakjargon over ‘denkbeeldige tijd’ en ‘meervoudige geschiedenissen van alles’ nu in elf dimensies vele hemels boven de onze, toch vind ik het razend boeiend hoe hij tot op het laatst onveranderlijk optimistisch blijft vertrouwen (bijna schreef ik 'geloven') in de cruciale rol van de wetenschap om al die ultieme Grote Vragen met oeverloos geduld, eindeloos veel courage en heel veel ratio te ontrafelen. Hoe is alles begonnen? Zullen we overleven in de resterende miljarden jaren die ons nog resten na de oerknal? Want als de tijd van dit heelal ( eentje maar van de talloze miljarden - incluis sterrenstelsel en planeten) erop zit, komt onze goede vriendin de zon ons allemaal helemaal opbranden. Het zegt iets over de mens: alles en niets tegelijk.

L'Homme est un roseau.
Mais un roseau pensant.
Blaise Pascal. Pensées.


Gaat kunstmatige intelligentie het van ons overnemen? Wordt de mensheid gaandeweg opgesplitst in een genetisch gemanipuleerde elite enerzijds en een tot uitsterven gedoemd onaangepast verknecht slavendom anderzijds? Van de vraag alleen al krijgt een mens het koud. Ik toch. Ik zie ze zo al voor me, de genetisch gemanipuleerde esthetisch bijgestuurde amper nog zo te noemen menselijke robots. Formerly known as humans.

Op de vraag of er volgens hem ‘elders dan hier op aarde’ intelligent leven bestaat, antwoordt Hawking heel subtiel: ‘Bestaat er dan intelligent leven op aarde?’ Scherper kan je de aanstormende gekte alom niet gezegd krijgen. Dan serieuzer hoewel, toch alweer met die heerlijke dubbele bodem: 'Als er intelligent leven is elders, moet het wel op heel grote afstand zijn. Anders had het de aarde wel bezocht. En ik denk dat we het gemerkt zouden hebben'.

Voor Hawking blijft een van de grootste stappen in de evolutie de geschreven taal. Vergelijkbaar met de versnelde ontwikkeling na de DNA Helix .

Zie ik schoolmeester
Ludwig Wittgenstein
in de vuist lachen
daar in dat Alpenklasje?


Taal met al haar betekenissen en vooral haar beperkingen betekende immers dat voor het eerst in de evolutie informatie, anders dan alleen genetisch via het DNA, voortaan van generatie tot generatie kon worden overgedragen.

Hawking: ‘Er verschijnen zo’n 50.000 nieuwe boeken in het Engels per jaar met pakweg honderd miljard bits aan informatie. De snelheid waarmee nuttige informatie kan worden toegevoegd is miljoenen, zo niet miljarden keren zo groot als met DNA. Het extern vastleggen – in boeken en andere vormen van langdurige opslag – is enorm gegroeid’...‘We zijn misschien niet sterker of intelligenter dan onze in grotten wonende voorouders, maar wat ons van hen onderscheidt, is de kennis die we de afgelopen tienduizend jaar en met name de laatste driehonderd jaar verzameld hebben. Als je vandaag een boek per dag zou lezen, dan zou je zo’n vijftienduizend jaar nodig hebben om alle boeken te lezen die nu in een nationale bibliotheek staan. En er zijn er nog veel meer dan dat. Dit betekent dat niemand meer kan beheersen dan een mespuntje van alle kennis. Mensen moeten zich vandaag dus specialiseren op steeds engere terreinen.'

'Een nog grotere beperking en gevaar voor toekomstige generaties is dat we nog steeds instincten hebben. In het bijzonder de agressieve impulsen die we ook al hadden toen we nog in grotten woonden. Agressie in de vorm van het onderwerpen of vermoorden van andere mannen en hun vrouwen en voedsel afnemen heeft absoluut een voordeel gehad om te overleven, zelfs tot op heden. Maar nu kan dat instinct de hele mensheid uitroeien en een groot deel van het leven op aarde’.

Een kernoorlog blijft voor Hawking nog steeds het grootste gevaar dat ons bedreigt.

‘Maar er zijn meer gevaren. Zoals het verspreiden van genetisch gemanipuleerde virussen. Of het instabiel worden van het broeikaseffect’.

By the way, wat was er dan eigenlijk voor die Big Bang?

Volgens Hawking is de vraag zinloos. Zoiets als vragen wat er ten zuiden van de zuidpool ligt. Zinloos omdat er geen tijdsbegrip bestaat om ernaar te verwijzen. De concepten tijdruimte (Einstein) en zwaartekrachtkromming bestaan alleen in dit tijdgebonden tijdelijk heelal.

Hoe past hij God in de manier waarop hij begin en het eind van dat heelal begrijpt?

Hawking: ‘De vraag is of de manier waarop het heelal begon, door God gekozen is om redenen die we niet kunnen begrijpen. Of dat die manier gedetermineerd is. Dat wil zeggen: bepaald door een natuurwet. Ik geloof het laatste. Als je wil, kun je de natuurwetten God noemen. Maar dan is het geen persoonlijke god die je zou kunnen ontmoeten en vragen stellen.’

Zie ik nu mijn
goede vriend Spinoza
zitten genieten achter
zijn vers geslepen lenzen?
Deus sive natura, beste Baruch.


Hawking: ‘We kennen nu de wetten die bepalen wat er gebeurt in de meest extreme omstandigheden. Zoals bij de oorsprong van het heelal of in zwarte gaten. De rol die de tijd gespeeld heeft aan het begin van het heelal is volgens mij de uiteindelijke sleutel die we nodig hebben om de behoefte aan een Grote Ontwerper ongedaan te maken. Te ontdekken hoe het heelal zichzelf geschapen heeft. Je kunt niet in een tijd voor de oerknal komen omdat er voor de oerknal geen tijd bestond. Eindelijk hebben we iets ontdekt dat geen oorzaak heeft, omdat er geen tijd was waarin een oorzaak kon bestaan. Voor mij betekent dit dat een schepper niet mogelijk is: omdat er geen tijd bestond waarin die Schepper zou hebben bestaan’.

‘Als mensen mij vragen of een god het heelal geschapen heeft, antwoord ik dat de vraag zelf onzinnig is. Het is net zoiets als vragen waar de rand van de aarde is. De aarde is een bol en die heeft geen rand. Dus ernaar zoeken is een zinloze bezigheid. Geloof ik? Ieder van ons staat het vrij te geloven wat hij of zij wil en naar mijn mening is de eenvoudigste verklaring dat er geen god is. Niemand heeft het heelal geschapen en niemand bepaalt ons lot’.

Dat brengt Hawking tot volgend diepgaand inzicht. Bepaald sterk in het licht van de eeuwigheid die hij sindsdien zelf is ingegaan en het vrijwel bovenmenselijk levenslot dat hem door de spierziekte ten deel was gevallen.

Hawking: ‘Volgens mij is geloven in een hiernamaals slechts wishful thinking. Er is geen enkel bewijs voor. Het gaat in tegen alle wetenschappelijke kennis. Ik denk dat we na onze dood terugkeren tot stof. In één opzicht leven we echter door en dat is door onze invloed en in onze genen die we aan onze kinderen doorgeven. We hebben dit ene leven om het grootste ontwerp van het universum te kunnen waarderen. En ik ben daar bijzonder dankbaar voor.’

En wij zijn hem dankbaar voor zijn voorbeeld. Van hardnekkige strijd en niet aflatende zoektocht. Stephen Hawking wordt ondermeer daarom terecht beschouwd als een van ’s werelds grootste wetenschappers sinds Einstein. Dertig jaar lang was hij Professor of Mathematics aan de universiteit van Cambridge. Hij overleed op 14 maart dit jaar na zijn jarenlange strijd tegen de spierziekte. Een gevecht dat eenieder wereldwijd volgde. Zijn postuum boek is gebaseerd op zijn persoonlijk archief. Het is voltooid in samenwerking met zijn academische collega’s, zijn familie en de Stephen Hawking Estate. Het is nu al een internationale bestseller, hoe moeilijk sommige passages ook zonder doctoraat in de natuurkunde en de wiskunde. Maar duizelingwekkend boeiend, dat wel. Een deel van de royalty’s gaat naar het goede doel.

‘De antwoorden op de grote vragen’. Stephen Hawking. Spectrum.
Foto Julie Vancaeneghem: Lars met zijn neefje Rémi.